Jos en Marie van de Kamp

Bob Dellemijn

Een gevallen strijder

Niet direct tot de familie behorend, maar wel interessant:

Bob Dellemijn, een zoon van een bevriende familie van Jos en Marie van de Kamp, vertrok in September 1936 vol overgave naar Spanje, om te strijden in de Spaanse Burgeroorlog aan de kant van Franco. Hij sneuvelde een maand later.

Hieronder de tekst van zijn brief aan zijn ouders vanuit Bordeaux, en het overlijdensbericht.

De brief is vermoedelijk, na ontvangst door zijn ouders, overgetypt met carbonkopieën, en als zodanig doorgestuurd naar andere familie en vrienden.

Bordeaux, 16/9, 36.

Lieve ouders,

Veilig en gezond ben ik 16 September te Bordeaux gearriveerd, en heb bovendien nog veel geld over.

Donderdagavond 17 September hoop ik de Spaansche grens bij Irun gepasseerd te hebben, en tegen den tijd dat u dezen brief ontvangt hoop ik eveneens reeds in de Spaansche gelederen te staan, om mede te strijden tegen het Wereldbolsjewisme, tegen den opstand van een deel menschheid tegen God.

Vader en moeder, indien het een gewone burgeroorlog was, dan dacht ik er niet over mede te vechten, maar de strijd in Spanje is ‘n strijd tusschen menschen, die God vervloeken, en menschen die God liefhebben.

In Parijs heb ik gestaan voor het communistische bureau, waar de communisten en socialisten, de zonden waren op hun gelaat te lezen, zich gingen aanmelden om mede te strijden in Spanje met de goddeloozen. Fransche socialistische en communistische vliegeniers trekken naar Spanje gedreven door de zucht naar winstbejag. Gehele Fransche gezinnen trekken nu over Perpignan, daar San Sebastiaan reeds door de Nationalisten veroverd is, om de zich daar in de gevangenis bevindende Katholieken dood te schieten, en zich daarna van de bezittingen der vermoorden meester te kunnen maken. Zelf heb ik op de kisten met munitie gezeten, en heb ik mijn vingers door de papieren zakken met watten en verbandmiddelen gestoken, bestemd voor de communisten op weg naar Perpignan. Hoe ik dat te weten ben gekomen vertel ik later wel eens. Het Fransche volk is, op de uitzonderingen na, een slecht volk. Men ziet hier weinig kinderen, en bij de ouderen zijn reeds vanaf hun twintigste jaar de zonden op het gezicht te lezen.

Indien Spanje voor Onze Lieve Heer valt, dan valt Frankrijk ook. Vader, moeder, ik vrees den dood niet. Indien ik sneuvel, dan geschiedt zulks voor O.L.Heer, dan val ik als Zouaaf. U zij toevertrouwd, dat ik door de H. Maagd Maria rein heb kunnen en mogen leven, en de reinheid is mijn kracht. Wanneer gij, lieve ouders er iets op tegen zoudt hebben, dat ik mij te Burgos als Zouaaf, als vrijwilliger ging aanmelden dan deed ik zulks vast niet. Bezint eer gij begint, zegt het spreekwoord. Vader en moeder, ik heb bezonnen voordat ik ben begonnen, indien ik in Spanje sneuvel, dan hebt Gij een zoon gesneuveld voor de wet Gods, gevallen in den strijd tegen de opstanding der menschheid tegen God. Indien wij overwinnen voor 1 December, dan keer ik terug en treed in dienst bij de Kon. Holl. Marine. Mocht dit niet voor 1 December plaats vinden, dan teeken ik voor drie jaar in Spanje bij, en kan mij dan tevens toeleggen op de vreemde talen.

Wanneer de Spaansche Furie bedwongen is, dan kan ik het in Holland verder brengen bij de Marine of bij de Militie. Tenslotte bid ik u mij te vergeven al hetgeen ik aan U en de kinderen misdaan heb. Gij hebt altijd Uw plicht gedaan, maar ik heb de mijne dikwijls verzaakt. Gij hebt de wet Gods beter onderhouden dan millioenen andere menschen. Lieve ouders, misschien weet gij het niet, maar God weet dat ik dikwijls, ja zeer dikwijls, bij de studie ja bij alles, de tanden op elkaar gezet heb, en al ben ik nu geen ingenieur geworden, daarom ben ik mijn roeping niet misgeloopen. Als ik deze brief gepost heb, ga ik in de richting van San Sebastiaan. Misschien mijn laatste brief aan U mijn lieve ouders, broers en zusters. Ik bid U allen nogmaals mij te vergeven wat ik aan mijn familie, vrienden en kennissen misdaan heb, en beloof allen, wanneer ik terug mocht keeren, mij tegenover U beter te gedragen. Vader en Moeder, zendt mij in ‘n Heilige Communie Uw ouderlijke zegen. Broeders en zusters bidt voor mij, ik zal het voor U doen. Welnu dan mijne lieve ouders, lieve broers en zusters, familie en kennissen, weest gegroet van mij, misschien tot over drie maanden, wellicht tot over drie jaar, misschien tot in de eeuwigheid. Vader en moeder, ik dank u nogmaals voor de opofferingen, die gij U voor mij getroost hebt. 

Gods Heilige Wil geschiede.

Gegroet van uw zoon Bob.

De opmerkelijke missie en de dood van Bob Dellemijn zijn vermeld in verschillende bronnen:

  • Een artikel over hem in de NRC in 1944.
  • Een vermelding in Famous Deaths on Oct 26, 1936.
  • Zijn portret is te vinden in het Nationaal Militair Museum.
  • Het boek Soldaat voor een ander (deel 2), door Rende van de Kamp (geen familie van ons, voorzover ik weet…?).
  • Het boek Het lijk van de dictator van Luc Rasson. Dit boek gaat over o.a. Franco. Rasson werd over dit boek geinterviewd door Scientias.nl. Bij dit interview kwam ook Dellemijn aan bod, die ligt begraven op dezelfde begraafplaats waar ook Franco aanvankelijk begraven was.
  • In het extreem-rechtse/conservatieve tijdschrift Reactionair wordt in 2026, aan het eind van een haattirade over ‘Links’, Bob Dellemijn genoemd in een opsomming van strijders tegen “Het Linkse Beest”. Zo te zien heeft Bob in bepaalde kringen een onsterfelijke heldenstatus gekregen…
Portret van Bob Dellemijn, aanwezig in het Nationaal Militair Museum.